Afscheid van klein geluk

Aan de noordwest kant van ons huis, hangt een vogelhuisje aan de muur. Als ik in de ochtend als eerste beneden kom en de gordijnen achter open, heb ik perfect zicht op het vogelhuisje. Een paar weken lang vlogen twee koolmeesjes af en aan naar het vogelhuisje. Met wormpjes en insecten, groene en zwarte soms nog spartelende beestjes in hun snavel, kwamen ze van de bomen om ons huis heen aanvliegen om vervolgens te verdwijnen in de ronde opening van het vogelhuisje. Als ik mijn raam achter openzette, kon ik op een gegeven moment ook het gekwetter en geroep van de kuikens in het vogelhuisje horen, gewoon vanaf mijn bank in de woonkamer. Met een kop vers gezette koffie zat ik daar dan een tijdje, gewoon te kijken naar dat vogelhuisje, in afwachting van een koolmeesje, vader of moeder, dat zijn kroost van eten kwam voorzien. Het werd mijn ochtend ritueel voor een tijdje: kopje koffie, gordijnen open, zitten op de bank en kijken naar het vogelhuisje. En ik had geluk, want de kuikens werden groter en hadden meer eten nodig, dus pa en moe kwamen frequenter aanvliegen. Op een gegeven moment schreef ik zelfs in onze gezinsapp: “binnen een half uur al wel tien keer gezien!”

Dit kleine ritueel duurde iets meer dan twee en een halve week. Tja, het zat er aan te komen, kleine vogeltjes worden groot en vliegen uit. Op een zaterdagochtend met mijn kopje koffie in de hand, opende ik de gordijnen achter en voor. In de voortuin zag ik wild bewegende bladeren van de sering. Ik hoorde gekwetter en getjilp en er bleek een vogeltje in de kruin van de sering te zitten, zich een weg banend naar de top van de boom. Daarna vloog hij naar het dak van ons huis. Ik zag hem nog een paar keer in de voortuin in andere boompjes landen, in de hibiscus en de andere sering. Was dit hetzelfde koolmeesje? Misschien een van de kuikens? Ik zou het uitvliegen toch niet gemist hebben? Een knagend gevoel bekroop mij: Schrik! Paniek!?  Ik nam mijn plaats op de bank met mijn koffie. Wachten, wachten, maar na een kwartier nog niks! Het zou toch niet? Het kleine koolmeesje in de sering leek wel wat onhandig nog te vliegen, bedacht ik me.

Later die ochtend kwam nog één keer een volwassen koolmees met een torretje in zijn snavel naar het vogelhuisje, maar daarna niets meer gezien de hele dag. Wel twee koolmeesjes die laag scherend over onze achtertuin vlogen, meerdere malen. Ze leken nog wat onwennig met hun nieuwe prestaties.

Ik mis het ochtendritueel. Ja, ik ga nog wel met koffie op de bank zitten en kijk naar het vogelhuisje af en toe. Maar het is kwijt. Ze komen niet meer en de jonge vogeltjes zijn uitgevlogen. Ik heb niet eens echt afscheid genomen. Natuurlijk wist ik wel dat het moment ging komen en dat je maar zelden het werkelijk uitvliegen van de vogeltjes kan bijwonen. Toch is het plotseling en het voelt een beetje verdrietig.

Maar vanmorgen toen ik de gordijnen opende, kwam er een koolmeesje naar het vogelhuisje. Het kwetterde, tjilpte en bleef even op het dak van het vogelhuisje staan. Nog een keer tjilpen en wachten en toen vloog het weer weg. Fijn om een van hen nog even te zien en te zien wegvliegen. Toch nog afscheid kunnen nemen.

Van alles kwijt

Vlak voordat je de deur uit moet: sleutels kwijt! Niet in de tas, niet in de jas, ook niet waar ze altijd liggen? Nee hè! De kinderen zijn ook altijd alles kwijt: waar is mijn sportbroek? Waar zijn mijn schoenen? Jas? mobiel? en ga zo maar door. Je wordt er helemaal  gek van.

Wat kan dat betekenen: kinderen en volwassenen die steeds van alles kwijt zijn?

Theorie 1: Kinderen die van jongs af aan niet leren wat van hun is en te vroeg alles samen delen, die zijn later altijd van alles kwijt. Uhh wat!!? Dat heb ik mij eens laten vertellen door iemand met een deskundigheid op het gebied van beweging  en motorische-,  psychische- en cognitieve ontwikkeling. Ze zei dat kinderen nog niet kunnen delen als ze zo jong zijn. Maar ja, je kunt ze het toch wel leren, dacht ik? En als je een mandarijntje eet, kun je toch een partje geven aan een ander, ook als je nog maar 2 jaar bent, dat heet toch ook delen? Of als je met kleine kindjes gaat kleuren, dan delen ze toch ook de krijtjes? Of gaat het dan om grotere zaken? groter speelgoed? In ieder geval was ik het daar niet mee eens. Maar ja, zij was wel deskundig op dit gebied en ze zei dat er ook onderzoek naar was gedaan. Maar onderzoek is niet zonder meer objectief hè. En hoe ziet dat onderzoek er dan uit? Onderzoeksvraag: Ben jij altijd je spullen kwijt? Zo ja, deelde je vroeger altijd alles? Ik heb mijn twijfels. Maar het zou toch kunnen kloppen?  Als je niet leert wat van jou is, let je misschien niet zo goed op je spullen?

De volgende theorie heeft mijn voorkeur, maar of het de waarheid is weet ik niet.

Theorie 2: Kinderen en volwassenen die met hun hoofd ergens anders zijn, in gedachte zijn, aan het dromen zijn, druk zijn met van alles, of in hun enthousiasme een paar dingen vergeten, bijvoorbeeld je sleutels? Zou ook kunnen toch? Daar is geen onderzoek voor nodig om dat te beredeneren, je bent gewoon druk met veel dingen tegelijk en dan vergeet je wel eens iets. Als je het spelletje pandje verbeuren doet, onthoud je toch ook niet alle voorwerpen? Ja sommigen wel, maar da’s een ander verhaal. En er is vast veel onderzoek naar gedaan: hoeveel dingen tegelijk kan het menselijk brein onthouden. Waar ligt je focus op dat moment? die ligt in ieder geval niet bij de dingen die je dan juist kwijtraakt of vergeet.

Er zijn vast meer theorieën of verklaringen voor dit fenomeen. Ik denk bijvoorbeeld aan: “dat heb je van geen vreemde”. Herken je deze dingen of heb je nog andere verklaringen?

Het weer vandaag

Het weer vandaag

Wat een heerlijk weertje vandaag! of Bah! wat een vies weer. Wat is het koud, brrr. Ieuw! vies regen en tegenwind ook. Het moment dat ik dit schrijf is het heerlijk buiten, zo’n 23 graden, heerlijk mild. Maar toch voelde het vandaag, voor mij althans, alsof er regenbuien overtrokken. Ik voelde me niet zo heerlijk als het weer. Ken je dat gevoel? Buiten stralende zon, maar je eigen humeur is vergelijkbaar met  een sombere bui. Of andersom? Buiten regen, donder en bliksem, maar zelf voel je je als een zonnetje, vrolijk en vol energie. Je humeur of je gevoel is te vergelijken met het weer. Probeer het maar, met welk weer is je stemming te vergelijken? Of als je je gevoel zou moeten vergelijken met een weertype, wat zou het dan zijn? Een dergelijke vraag komt ook voor in het spel Coachee! Dat is een coachingsspel wat gebruikt wordt bij de coaching van kinderen. Heel fijn om je stemming of je gevoel nog te kunnen verfijnen met bepaalde weersomstandigheden of factoren, zoals temperatuur, wind, neerslag, bewolking. Bijvoorbeeld ik voel meimg_20160629_0003 goed, zoals 25 graden, lekker warm maar niet te, lichte bewolking, want dan is er af en toe schaduw en wolkjes zijn vriendelijk, zacht briesje, Zoiets, dat zou voor mij een tophumeur betekenen. Maar ook regen kan voor mij een goed gevoel uitdrukken, vooral na warm en drukkend weer, dan voelt regen als een bevrijding, alsof de regen al je zorgen wegspoelt. Tegelijkertijd worden regen en donkere wolken ook geassocieerd met een sombere bui. De weervrouw of weerman spreekt de weersverwachtingen ook wel uit als: “er trekken sombere buien over Nederland vanuit het Zuidwesten naar Noord, een front van depressie”. Dan weet je dat het niet is droog te houden.

Wat voor weer beschrijft jouw vrolijke stemming? En welk weertype past bij jouw ochtendhumeur?

Vandaag niets uit de weg

Vandaag niets uit de weg

“Vandaag ga ik niets uit de weg, ook niet de moeilijkere dingen”. Zo luidt de tekst op het kaartje van “Vandaag … voor kinderen” wat ik uit de stapel trek. Ook al is het voor kinderen, het kan net zo goed ook voor volwassenen zijn. Want hoe vaak ga ik nog dingen uit de weg? Eigenlijk bijna dagelijks, nou ja eigenlijk, het is gewoon waar. Zoals: vandaag ga ik 5 km hardlopen, nee toch niet vind ik te zwaar. Of Ik moet een afspraak maken met de tandarts, nee toch niet gedaan eind van de dag. Ik ga mijn fiets naar de fietsenmaker brengen, alweer niet eind van de dag. Nou, ga zo maar door. Als ik de tekst van het kaartje tot mij laat door dringen, kom ik tot de conclusie dat je ongemerkt dingen uit de weg gaat. Je stelt ze uit of verzint smoesjes om het niet te doen of je vergeet het omdat je het te druk hebt of bezet bent. Nu zijn sommige klusjes wat minder urgent dan andere klusjes en is het logisch dat je eerst dat doet wat je nodig vindt, maar aan de andere kant schuif je onbewust dingen aan de kant, omdat je ze moeilijk vindt. Ik zeg onbewust, want ik heb soms aan het eind van de dag een ontevreden gevoel dat ik niet alles heb gedaan wat ik wilde. En vaak moet ik even nadenken hoe dat zo komt. Het is overigens een ander ontevreden gevoel wanneer je het druk hebt en je hebt het niet af kunnen krijgen, want dan heb je wel je best gedaan, maar het is gewoon nog niet gelukt. Maar het is meer een ontevreden gevoel in de zin van een spijtig gevoel of een beetje schuldgevoel. Omdat je weet dat je het klusje uit de weg bent gegaan, je had het best wel kunnen doen. en in sommige gevallen had je het ook best wel kunnen doen, maar het is eng om eraan te beginnen, het is moeilijk om dat gesprek te voeren, of het is moeilijk om toch om hulp te vragen bij die ene klus. Waarschijnlijk herken je het wel en heb je ook zoiets, een handeling, een gesprek of een klus. noem maar op, die je uit de weg gaat. Maar vandaag ga je het niet uit de weg! Vandaag sta je stevig in je schoenen, kom op en stap het tegemoet! aan de slag! Veel succes ermee!